De hartklepaandoening

Waar het wordt gehoord
De hond op de foto ligt rustig op een terras: een volwassen ruby cavalier, ogenschijnlijk kerngezond. Precies zo verloopt deze aandoening ook. De eerste jaren merkt u niets en hoort de dierenarts bij de jaarlijkse controle een ruis, terwijl de hond zelf nog nergens last van heeft. Dat is de reden dat die controle bij dit ras zwaarder weegt dan bij de meeste andere rassen.
Wat de aandoening is
Bij myxomateuze mitralisklepdegeneratie verdikken de klepbladen tussen de linkerboezem en de linkerkamer en sluiten ze niet meer goed. Bloed lekt terug, het hart moet harder werken en de linkerboezem rekt op. De aandoening komt bij veel kleine rassen voor, maar bij de cavalier begint hij jonger en verloopt hij sneller.
Hoe vaak
Uit onderzoek in verschillende landen komt telkens hetzelfde beeld: rond het vijfde levensjaar heeft ongeveer de helft van de cavaliers een hartruis, en op tienjarige leeftijd vrijwel alle honden. Een ruis betekent niet meteen ziekte: veel honden leven er jaren mee zonder klachten.
Wat u merkt
De eerste jaren niets; de ruis wordt bij de dierenarts gehoord. Later kunnen hoesten, sneller hijgen, minder uithoudingsvermogen, 's nachts onrustig zijn en een opgezette buik optreden. Een ademhalingsfrequentie in rust boven de dertig per minuut is een teken dat u dezelfde dag laat beoordelen.
Onderzoek
De dierenarts hoort de ruis en beoordeelt de ernst; bij twijfel volgt een echo bij een cardioloog, soms met een röntgenfoto en bloedonderzoek. Daarmee wordt het stadium bepaald, en dat stadium bepaalt of behandeling zinvol is. Thuis het aantal ademhalingen in slaap tellen is een eenvoudige en betrouwbare manier om verandering te volgen.
Behandeling
Bij een vergroot hart zonder klachten wordt vaak pimobendan gegeven; uit onderzoek blijkt dat dit het moment waarop hartfalen optreedt aanzienlijk uitstelt. Bij hartfalen komen plasmiddelen en andere medicatie erbij. Genezen is niet mogelijk, maar veel honden houden met medicatie nog jaren een goed leven.
Wat fokkers doen
Rasverenigingen werken met een protocol waarbij fokdieren pas op oudere leeftijd worden ingezet en de harten van de ouders en grootouders jaarlijks door een cardioloog worden beoordeeld. Het uitgangspunt is fokken met honden die op latere leeftijd nog vrij van ruis zijn. Vraag een fokker altijd naar die uitslagen, met datum en naam van de onderzoeker.
De ademhaling thuis tellen
Tel bij een slapende hond hoe vaak de borstkas in een minuut op en neer gaat. Bij een gezonde hond ligt dat tussen de vijftien en vijfentwintig keer. Blijft het aantal in rust boven de dertig, dan is dat een reden om dezelfde dag te bellen; het is een van de vroegste tekenen van vocht achter de longen. Noteer de waarden een paar keer per week in een schriftje, dan ziet u een verandering aankomen.